De bijbel De bijbel
 
..........
 
 De Bijbel, wat is dat voor een boek?
 

 
door Vincent de Haas

'Het is allemaal onzin wat er in de Bijbel staat. Het is toch Godsonmogelijk dat de aarde in zeven dagen ontstaan is', zegt Bob (19 jaar). Verontwaardigd voegt Chantal (18 jaar) eraan toe: 'Hoe kan God nou opdracht geven hele volkeren uit te roeien?' 'Goedkoop', zegt Paul (20 jaar), 'zo mag je de Bijbel helemaal niet lezen.' De vraag is: hoe mag je de Bijbel dan wel lezen? Of beter: op welke manieren kun je de Bijbel lezen? En: wat staat er eigenlijk in dat boek? En hoe is het opgebouwd?

Wie een bijbel vastpakt, er eens in bladert en hier of daar stukken tekst leest, kan voor vele ontdekkingen en verrassingen komen te staan. Een eerste ontdekking kan zijn dat er verschillende Nederlandse vertalingen bestaan, zoals: de Statenvertaling (1637), de Nieuwe Vertaling van het Nederlands Bijbelgenootschap (1951), de Willibrordvertaling (1975; herziene uitgave 1995) en de Groot Nieuws Bijbel (1983; herziene uitgave 1996). Een mogelijke tweede ontdekking is dat het ene boek uit vele boeken bestaat, namelijk 73 in totaal. In een gangbaar lettertype en normale opmaak uitgegeven beslaat de Bijbel dan al meer dan een boekenplank vol met dikkere en flinterdunne boeken.

Vreemd boek
Misschien zal men ook snel vaststellen dat het helemaal niet zo gemakkelijk is die Bijbel zelf te lezen. De opmerkingen van de jongeren hierboven zullen een net beginnende en ook een meer ervaren lezer niet vreemd voorkomen. De Bijbel bestaat niet alleen uit vele boeken, maar is ook een oud boek met een taal die de sporen van die ouderdom draagt. De Bijbel is geschreven in talen die de onze niet zijn, zeer oude talen die zelfs zo door niemand meer gesproken worden. Ook is de Bijbel ontstaan in een tijd (tussen zo'n 3500 tot 1900 jaar geleden) en omgeving (het Midden-Oosten) die de onze niet zijn. Wat weten wij uit eigen ervaring van bergen, woestijnen, oases, steppen, van rondtrekken, van slavernij?
De Bijbel is dus soms een vreemd boek met zelfs een aantal uitspraken die wij niet meer voor waar kunnen houden. De wereld is in onze opvattingen niet in zeven dagen ontstaan. Maar wat doen we dan met de openingstekst van Genesis, het eerste boek van de Bijbel? De Bijbel is een vreemd boek, dat men moet leren lezen, zoals simpelweg elk goed literair werk. Men moet het vooral leren lezen, omdat het over tijden, plaatsen en culturen gaat die de onze niet zijn.
Hoe kun je de Bijbel dan lezen? Daarop is geen simpel antwoord te geven. Er zijn namelijk vele manieren. Dat is een rijkdom. Maar een rijkdom die men zich eigen moet leren maken. Wie de Bijbel plat leest, zal snel bedrogen uitkomen. Men komt tot een totaal verkeerde voorstelling van zaken of trekt simpele conclusies die meestal elke grond missen. We mogen en moeten de Bijbel op vele niveaus lezen, bijvoorbeeld:

  • Als een natuurwetenschappelijk boek: hoe keek men tegen de eigen omgeving aan en hoe waardeerde men die? Men vindt er opvattingen zoals een platte aarde met de hemel daar direct boven, waarbij de zon rond de aarde draait.
  • Als geschiedenisboek: men leest over Abraham als stamvader van het joodse volk; over de trektocht van Egypte naar Kanaän en de vestiging daar. Ook zijn het ontstaan, de bloei en de ondergang van het koninkrijk Israël beschreven.
  • Als een boek vol mythen en legenden: ze vertolken de diepste verlangens en dromen van mensen en vertellen over wonderbaarlijke torens die tot in de hemel reiken; over reuzen en heksen. Ze verhalen van de woestijn niet alleen als woestijn, maar ook als een beeld voor allerlei menselijke situaties.

Tekstsoorten
Men kan de Bijbel op verschillende niveaus lezen, maar men mag zich ook realiseren dat er vele tekstsoorten in staan: verhalen, maar ook liederen, zoals de psalmen, het lied van Debora (Rechters 5) of het loflied op de liefde (het boek Hooglied). En verder gedichten die op hun eigen wijze voorvallen en inzichten verwoorden. Ook zal men er voorschriften in aantreffen (bijvoorbeeld in de boeken Leviticus en Deuteronomium). Ze geven aan hoe mensen om dienen te gaan met God, met elkaar en met dieren, planten en dingen om hen heen.
Verder vindt men er spreuken in die weer op hun manier wijsheden en levenservaringen aan de lezer willen overdragen. Vooral de boeken die de titel wijsheid dragen, bevatten natuurlijk veel van deze levenswijsheden die men stuk voor stuk kan overwegen. De meest bekende is waarschijnlijk de aanhef uit het boek Prediker: 'IJl en ijdel, alles is ijdel' (Prediker 1,2). Een andere bekende wijsheid komt uit het boek Spreuken (31,10): 'Een sterke vrouw, wie zal haar vinden?'
Een aparte benadering behoeven wonderverhalen. Zij vertellen op hun eigen wijze hoe God zich aan mensen laat zien. Gelijkenissen of parabels vragen om een weer andere leesbril. Op het eerste gezicht lijken zulke vertellingen te gaan over allerhande gangbare zaken uit het dagelijks leven, bijvoorbeeld een oogst, een gastmaal of een bruiloft. Maar gaandeweg zal men bemerken dat ze handelen over het juiste of onjuiste gedrag van de mens tegenover God en de (spoedige) komst van diens Koninkrijk.
De Bijbel is dus een boek met vele invalshoeken. Het is dan ook geen doorlopende roman. Men zal steeds opnieuw moeten beginnen en zich dan afvragen: Met wat voor tekst heb ik hier te maken? Men heeft als het ware steeds weer andere ogen nodig om de teksten te lezen en te begrijpen. De Bijbel bevat dan ook niet zomaar een verhaal. Het is meer dan een verhaal. Zoals gezegd bevat het naast verhalen ook voorschriften en gedichten, redevoeringen en naamlijsten en nog andere vormen van tekst.

Geloofsboek
De Bijbel is ook meer dan een verhaal, omdat mensen er hun geloofsverhaal in herkennen. De Bijbel vertelt op vele wijzen hoe mensen zijn gaan geloven in de God van Abraham, Isaak en Jakob, de vader van Jezus Christus. Aan welke twijfels ze onderhevig waren, met welke angsten ze geworsteld hebben. Welke inzichten over de mens en over God ze ontdekt hebben, ten koste soms van eigen of andermans schade en schande.
De Bijbel kan men dus als literatuur lezen en tegelijk als geloofsboek. Pas als men het boek zo leest, kan men bijvoorbeeld een fatsoenlijk antwoord geven op de vraag hoe het begin van Genesis te lezen. Door de vele lagen in de Bijbel te leren zien ontdekt men waarom mensen dit boek nog altijd graag in handen hebben.
Deze rijkdom van de Schrift kan men alleen op het spoor komen door te lezen en te herlezen, het liefst samen met anderen. Op deze wijze doet men dan langs verschillende kanten leeservaringen op en kunnen 'foute' of 'beperkte' inzichten worden bijgesteld. Ten slotte worden deze leeservaringen nog het meest vruchtbaar, als men aan de hand van eigen ervaringen een eigen (geloofs)verhaal, lied, gedicht of geschiedenis kan schrijven, op muziek kan zetten of tekenen.

Joodse Bijbel
Zoals gezegd bestaat de Bijbel uit 73 verschillende boeken. Ook hierover bestaan echter verschillende opvattingen. Allereerst is er een onderscheid tussen de joodse en de christelijke Bijbel. De joodse Bijbel bestaat alleen uit die boeken die in de christelijke traditie het Oude Testament worden genoemd. De joodse Bijbel of heilige Schrift bevat alleen die boeken die oorspronkelijk in het Hebreeuws zijn geschreven. Geloofsverhalen die in een andere taal zijn ontstaan, zijn er uitgelaten. De reeks bijbelboeken die samen de Schrift vormen, noemt men een canon. De joodse canon wordt ook wel TeNaCH genoemd. Het woord TeNaCH is een afkorting van drie andere woorden: Tora (Wet of Onderricht), Nebiïem (Profeten) en Chetubiem (Geschriften).
Deze drie afdelingen vormen als het ware cirkels om elkaar. In het midden staan de belangrijkste boeken: de vijf boeken van de Tora. Daaromheen scharen zich de Profeten en de buitenste cirkel wordt gevormd door de Geschiften. De twee buitenste cirkels vormen als het ware een uitbouw van of commentaar op de kern.
De protestantse canon van het Oude Testament bevat dezelfde boeken als de joodse canon van TeNaCH, maar heeft ze in een andere volgorde staan. In de katholieke canon van het Oude Testament is weer een andere keuze gemaakt. De oorsprong van deze verschillen ligt in de derde eeuw voor Christus.

Septuaginta
Ook 2300 jaar geleden had men behoefte aan vertalingen van de heilige geschriften die men bezat. Lang niet iedereen sprak of verstond (meer) de Hebreeuwse taal. Vele joden woonden allang niet meer in Israël, maar in heel andere delen van de landen rond de Middellandse Zee. Deze joden spraken voornamelijk Grieks. Uit die behoefte ontstond in de derde eeuw voor Christus een Griekse vertaling die men de Septuaginta noemt. Deze naam is ontleend aan de legende dat de vertaling door zeventig mannen is gemaakt (Septuaginta = 70).
Deze Griekse vertaling bevat echter niet alleen de boeken uit de Hebreeuws-joodse Bijbel (TeNaCH), maar ook nog een aantal andere: Tobit, Judit, 1 en 2 Makkabeeën, Wijsheid (van Salomo), (Wijsheid van) Jezus Sirach, Baruch en enkele Griekse toevoegingen in de boeken Ester en Daniël. Deze geschriften zijn ook opgenomen in de katholieke canon als de zogenaamde 'deuterocanonieke' boeken, omdat ze eveneens als geïnspireerd gelden. In protestantse kringen worden ze 'apocrief' genoemd en ontbreken ze in de canon. Tegenwoordig evenwel is ook in die kringen een groeiende belangstelling voor deze boeken te bespeuren. (De Nieuwe Vertaling van het Nederlands Bijbelgenootschap uit 1951 en de Groot Nieuws Bijbel kennen ook een uitvoering waarin de deuterocanonieke boeken in een apart gedeelte zijn opgenomen.)
Behalve het aantal is ook de rangschikking van de boeken in de Septuaginta anders dan in TeNaCH. Bovendien kent de Septuaginta geen driedeling, maar een vierdeling. Na de eerste vijf boeken (ook wel 'Pentateuch' genoemd) volgen de zogenaamde historische boeken. Daarna volgt het derde deel met poëtische boeken. De boeken van de profeten vormen het vierde deel. De Septuaginta heeft de inhoud en de volgorde van de katholieke canon van het Oude Testament grotendeels bepaald. De opzet volgt meer een historische lijn: oorsprong (pentateuch), verleden (historische boeken), heden (wijsheid en poëzie) en toekomst (profeten). Deze lijn suggereert dat het geheel nog niet compleet is. Er staat ons nog wat te wachten.

Nieuwe Testament
Christenen kennen naast dit 'eerste' deel een tweede deel: het Nieuwe Testament. Het Oude Testament is ontstaan uit het geloof van Israël in hun God als de universele God van hemel en aarde. Het Nieuwe Testament is ontstaan uit het geloof dat Jezus van Nazaret de Messias van God is. Bovendien verkondigt het Nieuwe Testament dat ook de (niet-joodse) volkeren kunnen delen in de beloften die God aan Abraham heeft gedaan.
De oudste Nieuwtestamentische geschriften zijn rond 50 na Christus ontstaan; de jongste geschriften aan het einde van de eerste eeuw. Voor de vormgeving ervan - zowel inhoudelijk als naar structuur - hebben de schrijvers veelvuldig gebruik gemaakt van teksten uit het Oude Testament. Zonder het Oude Testament is het Nieuwe dan ook volstrekt niet te begrijpen.
Er zijn zeventwintig Nieuwtestamentische boeken. Ook tussen deze boeken bestaan sterke verschillen. We kennen de vier evangeliën, de Handelingen van de apostelen, de veertien brieven van Paulus, de zeven brieven toegeschreven aan andere apostelen, en ten slotte de Apokalyps of Openbaring van Johannes.
De vier evangeliën vertellen de handel en wandel van Jezus, zijn leven, dood en verrijzenis. De Handelingen beschrijven de daden van de apostelen na Jezus' dood en verrijzenis. Vooral Petrus en Paulus staan hier sterk op de voorgrond. De brieven van Paulus en ook de zeven andere apostolische brieven zijn geen verhalen, maar zijn kortweg te typeren als langere of kortere betogen over het christelijke geloof. De Apokalyps heeft een geheel eigen kijk op de strijd die een christen in de wereld moet leveren.

Enkele leeswenken

  • Men kan natuurlijk op de eerste bladzijde van de Bijbel beginnen en zo naar het einde worstelen. Men kan ook eerst een selectie maken van gemakkelijkere en moeilijkere boeken. Begin bijvoorbeeld eerst met boeken als Ruth, Ester en Handelingen van de apostelen. Neem daarna een moeilijker boek als een brief van Paulus of het boek Leviticus.
  • Probeer altijd grotere teksteenheden te lezen, nooit een enkel vers of een paar regels. Plaats deze teksten altijd weer in het grote geheel van het boek waarin ze staan of zelfs binnen het geheel van de Bijbel.
  • Probeer te ontdekken wat voor soort tekst voorligt: een verhaal, een redevoering, een lied, een voorschrift enz.?
  • Bekijk ook eens in welk kader een tekst wordt verteld. Is zo'n tekst gericht aan medestanders of tegenstanders? In welke situatie verkeren de mensen aan wie de tekst gericht is: worden ze bedreigd, hebben ze alle hoop verloren of zijn ze overtuigd van hun eigen gelijk? Is men onderweg, in een ver land of thuis?

Wie zo aan de slag gaat, zal gaandeweg de Bijbel ontdekken, zijn rijkdom op het spoor komen en ondervinden dat het inderdaad meer dan een verhaal is.

Vincent de Haas is nieuwtestamenticus en werkt als bisschoppelijk gedelegeerde in het Bisdom Breda.

Deze tekst verscheen eerder als artikel in: Bijbelmagazine JOTA (KBS / VBS), jrg. 9, 1997, nr. 1, blz. 16-17.

Joodse canon (TeNaCH)

1. TORA
In het begin
De namen
Hij riep
In de woestijn
De woorden

2. PROFETEN

Vroege Profeten
Jozua
Rechters
1 en 2 Samuël
1 en 2 Koningen

Late Profeten
Jesaja
Jeremia Judit
Ezechiël

Kleine Profeten
Hosea
Joël
Amos
Obadja
Jona
Micha
Nahum
Habakuk
Sefanja
Haggai
Zacharia
Maleachi

3. GESCHRIFTEN
Psalmen
Job
Spreuken
Ruth
Hooglied
Prediker
Klaagliederen
Ester
Daniël
Ezra
Nehemia
1 en 2 Kronieken

Katholieke canon (Oude Testament)

1. PENTATEUCH
Genesis
Exodus
Leviticus
Numeri
Deuteronomium

2. HISTORISCHE BOEKEN

Jozua
Rechters
Ruth
1 en 2 Samuël
1 en 2 Koningen
1 en 2 Kronieken
Ezra
Nehemia
Tobit
Judit
Ester (met toevoegingen)
1 en 2 Makkabeeën


3. POËTISCHE BOEKEN
Job
Psalmen
Spreuken
Prediker
Hooglied
Wijsheid
Jezus Sirach

4. PROFETEN
Jesaja
Jeremia
Klaagliederen
Baruch
Ezechiël
Daniël (met toevoegingen)

Kleine profeten
Hosea
Joël
Amos
Obadja
Jona
Micha
Nahum
Habakuk
Sefanja
Haggai
Zacharia
Maleachi

De boeken die in de katholieke canon cursief zijn aangegeven, zijn de deuterocanonieke boeken. Deuterocanoniek zijn ook de Griekse toevoegingen op Ester en Daniël. In de protestantse canon komen deze deuterocanonieke boeken en tekstgedeelten niet voor. De protestantse canon bevat dezelfde boeken als de Hebreeuws-joodse canon (TeNaCH), maar heeft ze in de dezelfde volgorde staan als de katholieke canon. De katholieke canon volgt de rangschikking van de Grieks-joodse canon van de Septuaginta. Ontdek zelf verder de verschillen!


De Katholieke Bijbelstichting (KBS) zet zich in voor de verspreiding van de Bijbel in het Nederlands taalgebied, en voor de bevordering van de liefde voor, omgang met en kennis van de Bijbel als geloofs- en cultuurboek.

De KBS realiseert haar doelstelling ondermeer door de instandhouding van deze bijbelwebsite. Zonder uw steun kan de KBS deze dienstverlening en andere projecten niet verwezenlijken. Uw gift, hoe groot of klein ook, is dan ook zeer welkom.

U kunt uw bijdrage overmaken op banknummer 1660666 ten name van Stichting Vrienden van de Bijbel te Den Bosch.  Hartelijk dank!
 

 
 
 
  - Disclaimer
- Richtlijnen voor het gebruik van de internetversies van de Willibrordvertaling, De Nieuwe Bijbelvertaling en de bijbelteksten van het Lectionarium: © 1969-2013.
- Een project van de Katholieke Bijbelstichting; ontwerp en techniek: Sync Creatieve Producties