Hoofdstuk 35 Derde betoog van Elihu [1 ] En Elihu hield maar niet op: [2 ] ‘Meent u tegenover God in uw recht te staan
en dit te kunnen verantwoorden [3 ] met een schijnargument als: “Wat schaad
of wat baat ik Hem met mijn zonden?” [4 ] U kunt mijn antwoord krijgen,
u en die vrienden van u. [5 ] Kijk eens naar de hemel,
naar de wolken daar hoog boven u. [6 ] Natuurlijk, als u zondigt, dan deert Hem dat niets!
Al zijn uw zonden ontelbaar, wat maakt Hem dat uit! [7 ] Trouwens, levert uw rechtschapenheid Hem iets op,
wordt Hij daar beter van? [8 ] Nee, als u slecht bent of goed,
dan raakt het alleen uw medemens. [9 ] En ook: als* mensen hulp roepen in onderdrukking,
zuchten onder het juk van de rijken [10 ] en niet zeggen: “Waar is God mijn maker,
die over mij waakt in de nacht, [11 ] die ons verstand gaf
meer dan dieren en vogels.” [12 ] Dan kunnen ze aan het roepen blijven, God antwoordt niet,
want ze zijn goddeloos verwaand. [13 ] God luistert nu eenmaal niet naar zinloze kreten,
daar heeft de Almachtige geen oren naar. [14 ] Zeker niet als u zegt: “Hij laat zichzelf niet zien,
maar Hij laat mij wel wachten terwijl mijn zaak voor Hem dient.” [15 ] Als Hij in zijn verontwaardiging zelfs nu niet ingrijpt en
niet reageert op uw uitdagende woorden, [16 ] dan is het zinloos om zo’n grote keel op te zetten
en nonsens uit te kramen.’
Hoofdstuk 35 [1 ] En Elihu vervolgde: [2 ] ‘Denk je dat het juist is om te zeggen:
“Ik sta in mijn recht tegenover God”? [3 ] Je zegt: “Wat baat het u, God,
wat heeft het voor nut als ik niet zondig?” [4 ] Ik zal je daarop het antwoord geven,
jou en ook je vrienden. [5 ] Kijk eens naar de hemel
en aanschouw de wolken boven je. [6 ] Als je zondigt, schaad je hem daarmee?
Deert het hem als je veel misstappen begaat? [7 ] Als je rechtvaardig bent, wat geef je hem dan?
Een geschenk, dat hij uit jouw hand ontvangt? [8 ] Je goddeloosheid raakt mensen als jezelf,
je rechtvaardigheid helpt anderen. [9 ] De mensen, vertrapt als ze worden, klagen hun nood;
ze schreeuwen om hulp tegen het geweld van de machtigen. [10 ] Maar niet één van hen zegt: “Waar is God, mijn maker,
hij die in de nacht mijn krachten herstelt, [11 ] die aan ons meer kennis geeft dan aan de dieren op de aarde,
ons meer wijsheid schenkt dan de vogels in de lucht?” [12 ] Ze schreeuwen, maar hij antwoordt niet,
omdat de hoogmoed van de kwaden schandelijk is. [13 ] Maar het is schijn dat God niet luistert,
dat de Ontzagwekkende geen aandacht aan hen schenkt. [14 ] Je zegt dat jij hem niet aanschouwt,
maar hij heeft het vonnis voor zich – hij laat je wachten. [15 ] En eerder zal zijn woede niet bekoelen,
hij weet immers al te goed van je opstandigheid. [16 ] Maar uit Jobs mond komt slechts lucht en leegte,
een vloed van woorden zonder kennis.’
Inhoudsopgave Inleiding Hoofdstuk 1 Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4 Hoofdstuk 5 Hoofdstuk 6 Hoofdstuk 7 Hoofdstuk 8 Hoofdstuk 9 Hoofdstuk 10 Hoofdstuk 11 Hoofdstuk 12 Hoofdstuk 13 Hoofdstuk 14 Hoofdstuk 15 Hoofdstuk 16 Hoofdstuk 17 Hoofdstuk 18 Hoofdstuk 19 Hoofdstuk 20 Hoofdstuk 21 Hoofdstuk 22 Hoofdstuk 23 Hoofdstuk 24 Hoofdstuk 25 Hoofdstuk 26 Hoofdstuk 27 Hoofdstuk 28 Hoofdstuk 29 Hoofdstuk 30 Hoofdstuk 31 Hoofdstuk 32 Hoofdstuk 33 Hoofdstuk 34 Hoofdstuk 35 Hoofdstuk 36 Hoofdstuk 37 Hoofdstuk 38 Hoofdstuk 39 Hoofdstuk 40 Hoofdstuk 41 Hoofdstuk 42 Inhoudsopgave Inleiding op het boek Job De leefwijze van Job De eerste beproeving De tweede beproeving Het medeleven van zijn vrienden Job vervloekt zichzelf Eerste betoog van Elifaz Jobs antwoord aan Elifaz Eerste betoog van Bildad Jobs antwoord aan Bildad Eerste betoog van Sofar Jobs antwoord aan Sofar Tweede betoog van Elifaz Jobs antwoord aan Elifaz Tweede betoog van Bildad Jobs antwoord aan Bildad Tweede betoog van Sofar Jobs antwoord aan Sofar Derde betoog van Elifaz Jobs antwoord aan Elifaz Derde betoog van Bildad Jobs antwoord aan Bildad Job houdt zijn onschuld vol De wijsheid ligt niet binn... Job denkt terug aan zijn g... Job weet zich verguisd en bespot Job kan zich niets verwijten Eerste betoog van Elihu Tweede betoog van Elihu Derde betoog van Elihu Vierde betoog van Elihu Eerste antwoord van God Job krabbelt terug Tweede antwoord van God Job geeft zich over Epiloog
De Katholieke Bijbelstichting (KBS) zet zich in voor de verspreiding van de Bijbel in het Nederlands taalgebied, en voor de bevordering van de liefde voor, omgang met en kennis van de Bijbel als geloofs- en cultuurboek.
De KBS realiseert haar doelstelling ondermeer door de instandhouding van deze bijbelwebsite. Zonder uw steun kan de KBS deze dienstverlening en andere projecten niet verwezenlijken. Uw gift, hoe groot of klein ook, is dan ook zeer welkom.
U kunt uw bijdrage overmaken op banknummer 1660666 ten name van Stichting Vrienden van de Bijbel te Den Bosch . Hartelijk dank!