De bijbel De bijbel
 
..........
 
 Wijsheid van Jezus Sirach
WB 
  NBV 
 
Hoofdstuk 16
 
De straf voor de zondaar
  [1] Verlang niet naar veel kinderen
als die niet deugen,
en verheug je niet over onvrome zonen.
  [2] Ook al heb je veel kinderen,
je moet niet gelukkig met hen zijn
als zij geen vrees voor de Heer in zich hebben.
  [3] Vertrouw er niet op
dat je kinderen in leven zullen blijven,
en vertrouw niet op hun aantal,*
want één die de wil van God doet
is beter dan duizend andere,
en kinderloos sterven is beter
dan onvrome kinderen hebben.
  [4] Want vanwege één verstandige man blijft een stad in stand,
maar een stam van wettelozen gaat ten onder.
 
  [5] Dat soort dingen heeft mijn oog vaak gezien
en nog ergere heeft mijn oor gehoord.
  [6] In de samenscholing van de zondaars laaide het vuur op
en onder het ongehoorzame volk ontbrandde de woede.
  [7] Hij was de reuzen van de oude tijd niet genadig,
toen zij met heel hun macht opstandig werden.
  [8] Evenmin spaarde Hij de mensen bij wie Lot woonde,
en die vanwege hun verwaandheid door de Heer verfoeid werden.
  [9] Hij zorgde niet voor het volk* dat met de banvloek geslagen was,
degenen die om hun zonden verdreven zijn.*
  [10] Zo is Hij ook opgetreden
tegen de zeshonderdduizend voetknechten
die vanwege hun verstokte hart werden uitgeroeid.*
 
  [11] Ook al is er maar één hardnekkig,
het zou verbazingwekkend zijn
als die zonder straf bleef.
Want er is barmhartigheid bij Hem en toorn:
Hij is machtig in vergiffenis,
maar Hij laat ook zijn toorn gaan.
  [12] Zo groot als zijn barmhartigheid is,
zo groot is ook zijn strengheid.
Hij beoordeelt de mens naar zijn daden.
  [13] De zondaar ontkomt niet met zijn roofgoed
en de verwachting van de vrome mens blijft niet onvervuld.
  [14] Wie gerechtigheid doet ontvangt wat hij verdient;
iedereen krijgt loon naar werken.*
 
  [17] Zeg niet: ‘Ik verberg mij wel voor de Heer!
Wie zal daar boven aan mij denken?
In de massa val ik toch niet op.
Wat ben ik in die onmetelijke schepping?’
  [18] Weet wel: de hemel, tot de hoogste hemel toe,
de diepte en de aarde,
zij wankelen onder zijn blik*.
  [19] De grondvesten van de bergen en de fundamenten van de aarde,
zij trillen en beven als Hij hen aankijkt.
  [20] En toch schenkt Hij geen aandacht aan mij!
Wie zal er op mijn wegen letten?
  [21] Als ik zondig, is er geen oog dat mij ziet.
En als ik in het diepste geheim iets misdoe, wie weet er dan van?
  [22] De goede daden, wie praat erover?
Wie wacht erop? De afrekening blijft nog lang uit!*
  [23] Dat zijn de gedachten van een kortzichtig man;
een domoor, een dwaallicht denkt zulke onzin.
Hoofdstuk 16
 
Straf voor zondaars
  [1] Verlang niet naar veel kinderen als ze niet deugdzaam zijn,
wees niet blij met goddeloze zonen.
  [2] Wanneer je veel kinderen krijgt, verheug je dan niet over hen
als ze geen ontzag voor de Heer hebben.
  [3] Vertrouw er niet op dat ze blijven leven,
verlaat je niet op hun grote aantal,
want je zult voortijdig rouwen,
je zult hen plotseling zien sterven.
Beter één kind dat de wil van God doet dan duizend andere,
beter dat je kinderloos sterft dan dat je goddeloze kinderen hebt.
  [4] Door één verstandig mens blijft een stad bewoond,
maar een volk van wettelozen wordt vernietigd.
  [5] Dergelijke dingen heb ik vaak gezien,
over nog ergere heb ik gehoord.
 
  [6] Onder de zondaars werd het vuur ontstoken,
onder het ongehoorzame volk ontbrandde de toorn.
  [7] Hij vergaf de giganten uit de voortijd niet,
die zich, machtig als ze waren, van hem hadden afgewend.
  [8] Het volk waarbij Lot als vreemdeling woonde spaarde hij niet,
hij gruwde van hen om hun hoogmoed.
  [9] Hij had geen medelijden met het volk dat ten onder zou gaan,
met hen die om hun zonden werden uitgeroeid.
Dit alles deed hij met de halsstarrige volken,
en zelfs zijn getrouwen konden hem niet vermurwen.
  [10] Zo deed hij ook met zeshonderdduizend man voetvolk,
die, halsstarrig als ze waren, samenschoolden.
Hij geselde hen, maar had ook erbarmen,
hij sloeg hen, maar genas hen ook,
zo heeft de Heer hen door tucht en barmhartigheid behouden.
  [11] Ook al zou er maar één hardnekkig zijn,
het zou een wonder zijn als hij ongestraft bleef.
Want de Heer is barmhartig, maar kent ook woede,
hij kan vergeven, maar stort ook zijn toorn uit.
 
  [12] Zo groot als zijn barmhartigheid, zo groot is zijn bestraffing;
hij beoordeelt een mens naar zijn daden.
  [13] De zondaar ontkomt niet met zijn buit,
het geduld van een vroom mens blijft niet onbeloond.
  [14] De Heer geeft alle kans om goed te doen,
ieder mens wordt beloond naar zijn daden.
  [15] De Heer heeft de farao halsstarrig gemaakt,
opdat deze hem niet zou erkennen,
maar de daden van de Heer in heel de wereld bekend zouden worden.
  [16] Zijn barmhartigheid is voor heel de schepping zichtbaar,
zowel zijn licht als de duisternis heeft hij de mens gegeven.
  [17] Zeg niet: ‘Ik blijf verborgen voor de Heer,
wie daarboven zou aan mij denken?
In de massa val ik toch niet op,
wie ben ik in die onmetelijke schepping?’
 
  [18] Besef dat de hemelen, tot de hoogste hemel toe,
de diepte van de zee en de aarde zullen beven onder zijn blik,
heel de wereld, die geschapen is en door zijn wil bestaat.
  [19] Dan zullen ook de bergen en de fundamenten van de aarde
trillen en beven onder zijn blik.
  [20] Maar wie doorgrondt dit alles,
wie kan de wegen van de Heer bevatten?
  [21] Zoals een storm die geen mens kan zien,
zo zijn de meeste van zijn daden verborgen.
  [22] Wie verkondigt zijn rechtvaardige daden, wie wacht erop?
De afspraak met het dodenrijk is ver weg,
pas aan het einde wordt alles getoetst.
  [23] Zo denkt een mens zonder verstand,
zo onverstandig denkt een dwaas die dwaalt.



De Katholieke Bijbelstichting (KBS) zet zich in voor de verspreiding van de Bijbel in het Nederlands taalgebied, en voor de bevordering van de liefde voor, omgang met en kennis van de Bijbel als geloofs- en cultuurboek.

De KBS realiseert haar doelstelling ondermeer door de instandhouding van deze bijbelwebsite. Zonder uw steun kan de KBS deze dienstverlening en andere projecten niet verwezenlijken. Uw gift, hoe groot of klein ook, is dan ook zeer welkom.

U kunt uw bijdrage overmaken op banknummer 1660666 ten name van Stichting Vrienden van de Bijbel te Den Bosch.  Hartelijk dank!
 

 
 
 
  - Disclaimer
- Richtlijnen voor het gebruik van de internetversies van de Willibrordvertaling, De Nieuwe Bijbelvertaling en de bijbelteksten van het Lectionarium: © 1969-2013.
- Een project van de Katholieke Bijbelstichting; ontwerp en techniek: Sync Creatieve Producties