De bijbel De bijbel
 
..........
 
 Het tweede boek Makkabeeën
WB 
  NBV 
 


Strijd van Judas
     [10] Nu zullen we spreken over de gebeurtenissen onder Antiochus* Eupator, de zoon van die goddeloze Antiochus. Daarbij zullen we het verhaal van de ellende die door de oorlogen veroorzaakt is, kort samenvatten. [11] Toen Antiochus de regering had overgenomen, vertrouwde hij de behartiging van de belangen van het rijk toe aan een zekere Lysias en hij benoemde hem tot stadhouder van Cele-Syrië en Fenicië. [12] Na al het onrecht dat de Judeeërs was aangedaan, was Ptolemeüs, bijgenaamd Makron, de eerste die hun recht in acht wilde nemen; hij probeerde hun aangelegenheden op vreedzame wijze te regelen. [13] Op grond daarvan werd hij door enkele vrienden van de koning bij Eupator aangeklaagd; bovendien werd hij bij elke gelegenheid uitgemaakt voor verrader, omdat hij het eiland Cyprus, dat hem door Filometor was toevertrouwd, verlaten had en naar Antiochus Epifanes was overgelopen. Hij slaagde er niet meer in om naast macht, ook respect te genieten en maakte door vergif een einde aan zijn leven.
     [14] Toen Gorgias bevelhebber van deze landen was geworden, nam hij huursoldaten in dienst en greep elke gelegenheid aan om de oorlog tegen de Judeeërs op gang te houden. [15] Tegelijkertijd vielen ook de Idumeeërs, die in het bezit waren van gunstig gelegen vestingen, de Judeeërs lastig; ze namen degenen die uit Jeruzalem verdreven waren op en probeerden de oorlog aan te moedigen. [16] De aanhangers van de Makkabeeër smeekten God in een gemeenschappelijk gebed om hun bondgenoot te zijn, en trokken naar de vestingen van de Idumeeërs. [17] Door een krachtige aanval kregen ze de stellingen in handen, sloegen iedereen die vanaf de muren vocht terug en brachten iedereen die hun in handen viel om het leven; ze doodden niet minder dan twintigduizend man. [18] Minstens negenduizend man hadden hun toevlucht gezocht in twee zeer sterke torens, die van alles waren voorzien om een belegering te kunnen doorstaan. [19] De Makkabeeër vertrouwde de belegering van deze torens toe aan Simon, die hij met Jozef, Zacheüs en voldoende soldaten daar achter liet, om zelf naar plaatsen te gaan waar de nood hoger was.
     [20] Maar de soldaten van Simon waren hebzuchtig en lieten zich door enkele belegerden omkopen; voor de som van zeventigduizend drachmen lieten ze een aantal van hen ontsnappen. [21] Toen de Makkabeeër dat hoorde, riep hij de aanvoerders van het leger bijeen en beschuldigde hen ervan dat zij hun broeders voor geld hadden verkocht door vijanden, die tegen hen de wapens hadden opgenomen, te laten ontsnappen. [22] Hij liet degenen die dat verraad gepleegd hadden terechtstellen. Daarna maakte hij zich onmiddellijk meester van de twee torens. [23] Hij behaalde met zijn wapenen een volledig succes en doodde meer dan twintigduizend man.
[10] Nu zullen we uiteenzetten wat er gebeurde onder zijn zoon Antiochus Eupator, waarbij we ons zullen beperken tot de oorlogen en de daaruit voortvloeiende ellende.
     [11] Nadat Antiochus het koningschap van zijn vader had overgenomen, benoemde hij Lysias, gouverneur-generaal van Cele-Syrië en Fenicië, tot regent.
     [12] Een zekere Ptolemeüs Makron was de eerste die zich het lot van de Joden aantrok en na al het hun aangedane onrecht een vreedzame oplossing probeerde te vinden. [13] Om die reden werd hij door de vertrouwelingen van Eupator bij de koning aangeklaagd. Bovendien werd hij bij elke gelegenheid voor verrader uitgemaakt, omdat hij indertijd Cyprus, dat hem door Filometor was toevertrouwd, verlaten had en was overgelopen naar Antiochus Epifanes. Omdat het hem onmogelijk werd gemaakt zijn ambt waardig te bekleden, maakte hij een einde aan zijn leven door gif in te nemen.
     [14] Gorgias werd aangesteld als bevelhebber in Idumea. Hij had een huurleger in dienst en greep iedere gelegenheid aan om oorlog te voeren tegen de Joden. [15] Tegelijkertijd maakten ook de Idumeeërs zelf, die beschikten over gunstig gelegen vestingen, het de Joden lastig. Ze boden de vluchtelingen uit Jeruzalem onderdak en stelden alles in het werk om de oorlog te laten voortduren. [16] Maar de manschappen van de Makkabeeër vroegen God in een smeekgebed of hij zich aan hun zijde wilde scharen en trokken op tegen de Idumese vestingen. [17] In een krachtige aanval slaagden ze erin de vestingen te bezetten, alle verdedigers terug te slaan en iedereen die hun in handen viel af te slachten: ze doodden ruim twintigduizend man. [18] Toch wisten niet minder dan negenduizend Idumeeërs, voorzien van alles wat nodig was om een beleg te doorstaan, zich te verschansen in twee bijzonder sterke torens. [19] De Makkabeeër liet Simon, Josefus en Zacheüs achter met voldoende manschappen om deze torens te belegeren en trok zelf verder naar andere plaatsen, waar zijn aanwezigheid dringender vereist was. [20] Maar de mannen van Simon waren zo belust op geld, dat ze een aantal Idumeeërs lieten gaan toen die hun een som van zeventigduizend drachmen aanboden. [21] Toen dit de Makkabeeër ter ore kwam, riep hij zijn bevelhebbers bij zich en beschuldigde hen ervan dat ze hun eigen broeders hadden verkocht, want nu ze hun vijanden hadden laten gaan, zouden dezen zich weer tegen hen keren. [22] Hij liet de verraders ter dood brengen en nam daarna onmiddellijk de beide torens in. [23] Judas, die als veldheer slaagde in alles wat hij ondernam, liet in die vestingen meer dan twintigduizend mensen ombrengen.



De Katholieke Bijbelstichting (KBS) zet zich in voor de verspreiding van de Bijbel in het Nederlands taalgebied, en voor de bevordering van de liefde voor, omgang met en kennis van de Bijbel als geloofs- en cultuurboek.

De KBS realiseert haar doelstelling ondermeer door de instandhouding van deze bijbelwebsite. Zonder uw steun kan de KBS deze dienstverlening en andere projecten niet verwezenlijken. Uw gift, hoe groot of klein ook, is dan ook zeer welkom.

U kunt uw bijdrage overmaken op banknummer 1660666 ten name van Stichting Vrienden van de Bijbel te Den Bosch.  Hartelijk dank!
 

 
 
 
  - Disclaimer
- Richtlijnen voor het gebruik van de internetversies van de Willibrordvertaling, De Nieuwe Bijbelvertaling en de bijbelteksten van het Lectionarium: © 1969-2013.
- Een project van de Katholieke Bijbelstichting; ontwerp en techniek: Sync Creatieve Producties