![]() |
|||||||||||||||||||||||||
| |||||||||||||||||||||||||
> Tweede PinksterdagHandelingen 19,1b-6a
Uit de Handelingen van de Apostelen
In die dagen kwam Paulus
na zijn reis door het binnenland in Éfeze. Daar ontmoette hij enige leerlingen aan wie hij vroeg: "Hebt gij de heilige Geest ontvangen toen ge het geloof hebt aangenomen?" Zij antwoordden: "Wij hebben niet eens gehoord dat er een heilige Geest bestaat." Toen zei hij: "Hoe zijt ge dan gedoopt?" Ze antwoordden: "Met het doopsel van Johannes." Paulus hernam: "Johannes diende een doopsel toe ten teken van bekering, maar hij zei aan het volk dat ze moesten geloven in Wie na hem kwam, dat is Jezus." Toen zij dit gehoord hadden lieten zij zich dopen in de naam van de Heer Jezus. Nadat Paulus hun de handen had opgelegd kwam de heilige Geest over hen. Johannes 14,15-17
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes
In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen:
"Als gij Mij liefhebt, zult ge mijn geboden onderhouden. Dan zal de Vader op mijn gebed u een andere Helper geven om voor altijd bij u te blijven: de Geest van de waarheid voor wie de wereld niet ontvankelijk is omdat zij Hem niet ziet en niet kent. Gij kent Hem, want Hij blijft bij u en zal in u zijn." |
|
||||||||||||||||||||||||
|
- Disclaimer - Richtlijnen voor het gebruik van de internetversies van de Willibrordvertaling, De Nieuwe Bijbelvertaling en de bijbelteksten van het Lectionarium: © 1969-2013. - Een project van de Katholieke Bijbelstichting; ontwerp en techniek: Sync Creatieve Producties | |||||||||||||||||||||||||