![]() |
|||||||||||||||||||||||||
| |||||||||||||||||||||||||
H. Agnes, maagd en martelares. Zaterdag in week 2 door het jaar2 Samuël 1,1-4.11-12.19.23-27
Begin van het tweede Boek Samuël
In die dagen was David,
die teruggekeerd was van zijn overwinning op de Amalekieten, reeds twee dagen in Siklag, toen daar op de derde dag een man aankwam uit het legerkamp van Saul. Hij had zijn kleren gescheurd en aarde op zijn hoofd gestrooid. Bij David gekomen, boog hij zich neer tot op de grond en bracht hem zijn hulde. David vroeg hem: “Waar komt gij vandaan?” Hij antwoordde: “Ik ben ontkomen uit het legerkamp van Israël.” Daarop vroeg David hem: “Wat is er dan gebeurd? Vertel het me.” Hij antwoordde: “Het leger heeft de strijd opgegeven en is op de vlucht geslagen. Velen van het volk zijn gesneuveld; ook Saul en zijn zoon Jonatan zijn dood.” Toen greep David zijn kleed en scheurde het middendoor; dat deden ook al de mannen die bij hem waren. Ze hielden de rouwklacht en weenden en vastten tot de avond over Saul en zijn zoon Jonatan, en over het volk van de HEER, over Israël, omdat zij door het zwaard waren omgekomen. En David sprak: “Uw glorie, Israël, ging op uw hoogten te gronde.
Saul en Jonatan, zo geliefd, zo schoon,
Marcus 3,20-21
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Marcus
In die tijd ging Jezus naar huis
en weer stroomde zoveel volk samen, dat zij niet eens gelegenheid hadden om te eten. Toen zijn verwanten dit hoorden, trokken zij erop uit om Hem mee te nemen, want men zei dat Hij niet meer bij zijn verstand was. |
|
||||||||||||||||||||||||
|
- Disclaimer - Richtlijnen voor het gebruik van de internetversies van de Willibrordvertaling, De Nieuwe Bijbelvertaling en de bijbelteksten van het Lectionarium: © 1969-2013. - Een project van de Katholieke Bijbelstichting; ontwerp en techniek: Sync Creatieve Producties | |||||||||||||||||||||||||